Het kan fijn zijn als je een dilemma hebt (of gewoon advies nodig hebt) dat er iemand is die je helpt.
Maar wat ik heb ontdekt is dat het het allermeeste helpt als mensen juist niet teveel advies geven.
Dat ze zeggen: 'Ik weet ook niet wat je moet doen. Ik luister naar je. Ik begrijp wat je wilt en wat je niet wilt en wat het beste is en wat niet. Maar ik ga je níet vertellen wat je moet doen. Gewoon omdat ik het ook niet weet'. (Dat is pas inlevingsvermogen).
Wat heerlijk. Die mensen die het ook niet weten.
donderdag 31 juli 2014
zaterdag 26 juli 2014
vrijdag 25 juli 2014
Een eendenverhaal.
Er waren eens sprookjes. Altijd liepen ze goed af. Zodat
degenen die ze lazen gingen geloven dat het leven net zo’n sprookje was en dat
het dus ook allemaal goed zou komen en dat zij, de lezers, lang en gelukkig
zouden leven. Met degenen van wie ze hielden, want anders zou het geen sprookje
zijn. Dat is het beeld wat we van sprookjes hebben. Dat de zeemeermin in zeeschuim
verandert en dat de boze stiefmoeder op gloeiendhete sloffen moet dansen tot ze
er dood bij neervalt vergeten we voor het gemak. Of we genieten ervan.
(Niets is zo lekker als janken bij een film of verhaal).
Dit verhaal is geen sprookje, maar de realiteit.
Er waren eens twee eenden.
Een mannetjeseend. Een vrouwtjeseend.
Zij hielden van elkaar. (Hoe dat bij eenden gaat en of ze
oxytocine aanmaken en of ze elkaar kusjes geven of op zijn eends knuffelen weet
niemand. Misschien hielden ze ook wel niet van elkaar en heeft hij haar bruut
verkracht. Daar hebben eenden een handje van). Maar goed. Een mannetjeseend en
een vrouwtjeseend dus. Een nest vol eieren als het resultaat van hun liefde.
Toewijding in capslockletters geschreven. Zó vol toewijding bebroedde moeder
haar legsel. Weken keek ze uit naar de
geboorte van haar kroost. Vleugelwringend liep ze tenslotte rond. O blijde dag.
Zeven. Het waren zeven jonge eendjes. Piepend maakten ze
hun aanwezigheid kenbaar. Moeder was trots en dacht: Ach, kijk nou toch eens.
Zijn ze niet ongelofelijk mooi? Zijn ze niet wonderbaar? Iedereen die te
dichtbij kwam werd met gekwaak en geblaas verteld dat dít toch niet de
bedoeling was hè – in een straal van dichterbij dan vier meter naar haar
kinderen kijken. Toewijding. Dat was het echt. Zoveel toewijding dat wij,
schijterds, dachten dat moedereend het maar zelf op moest knappen – en dat we
ze maar niet gingen vangen, want een blazende eend die op je afkomt is niet zo
gezellig.
Maar moedereend slaagde er niet in haar kroost bij de les
te houden. Aanvankelijk zwommen ze als een trouwe stoet achter haar aan. Mama
is de beste en mama is de liefste en mama is vooral de warmste met de zachtste
veren. Maar dat is dus aanvankelijk. Toen besloot nummer één dat het misschien
wel een origineel idee was om te verdrinken. Nummer twee, drie en vier liepen
weg. Moeder maakte, opnieuw met hevig gekwaak, kenbaar dat ze hier niet van
gediend was. Maar dat maakte niet uit. Gaten in het gaas, zelfs als je ervoor
moet springen, zijn bedoeld om te ontsnappen en je moeder met een gebroken hart
achter te laten. Ze liepen dus weg en kwamen niet meer terug. Dat was de dag na
hun geboorte.
De tweede dag na hun geboorte besloten nummer vier, vijf
en zes dat ze wel lang genoeg onder moeders vleugels hadden gebivakkeerd.
De derde dag na hun geboorte was er een heldenrol voor
mij weggelegd. Jawel. Ik kwam thuis, besloot: dit is een ultiem moment voor een
middagdutje – en werd al snel opgeschrikt door gekwaak. Alweer. En daar rende
het laatste eendje. Met een rotgang richting de vijver. En ik ving hem en
bracht hem veilig naar zijn mama. Eind goed al goed.
Maar vandaag was ook het laatste eendje verdwenen..
maandag 21 juli 2014
zaterdag 19 juli 2014
Onze grootste angst.
"Onze grootste angst is het kwijtraken van degenen waar we het meest van houden".
Ik las dit hier.
Die cadans van die woorden, die blijft in mijn hoofd hangen. Wat is dat een raar lot van ons mensen! Ondergaat iedereen dat lot? Van kind tot volwassene, van brave burger tot crimineel?
Zouden veel mensen die angst wegduwen? "Weg jij, ik wil niet aan je denken!"
Ze zeggen niet tegen de anderen om hen heen hoeveel ze van hen houden.
Angst voor afwijzing. Angst voor gekwetst worden.
Of gebrek aan liefde. Maar dat heeft niets met angst te maken. (Of misschien ook wel).
(En daar komt die angst weer om de hoek kijken met klamme handen, hartkloppingen, afwezigheid en kou. Kou die zo intens is dat je met vijfentwintig graden een dikke trui nodig hebt. Een capuchon op je hoofd. Thee om je handen weer te warmen).
Maar als die angst er niet was dan zou ook niet ineens op een klaarlichte lichtvoetige winterdag de één de ander vertellen hoeveel. En op een zwoele zomeravond zou dan niet de ander de één aanraken en vragen voor altijd. Want de angst brengt keuzes.
Soms. Het is niet altijd mogelijk.
Ik las dit hier.
Die cadans van die woorden, die blijft in mijn hoofd hangen. Wat is dat een raar lot van ons mensen! Ondergaat iedereen dat lot? Van kind tot volwassene, van brave burger tot crimineel?
Zouden veel mensen die angst wegduwen? "Weg jij, ik wil niet aan je denken!"
Ze zeggen niet tegen de anderen om hen heen hoeveel ze van hen houden.
Angst voor afwijzing. Angst voor gekwetst worden.
Of gebrek aan liefde. Maar dat heeft niets met angst te maken. (Of misschien ook wel).
(En daar komt die angst weer om de hoek kijken met klamme handen, hartkloppingen, afwezigheid en kou. Kou die zo intens is dat je met vijfentwintig graden een dikke trui nodig hebt. Een capuchon op je hoofd. Thee om je handen weer te warmen).
Maar als die angst er niet was dan zou ook niet ineens op een klaarlichte lichtvoetige winterdag de één de ander vertellen hoeveel. En op een zwoele zomeravond zou dan niet de ander de één aanraken en vragen voor altijd. Want de angst brengt keuzes.
Soms. Het is niet altijd mogelijk.
vrijdag 18 juli 2014
De wereld.
Het voelt soms zo oppervlakkig om over fijne dingen te
bloggen. Foto’s van post, lekker eten en bloemetjes. Net alsof er geen grote boze wereld is. Met raketten over en weer en het goede en het kwade. Over de
vijand die misschien niet alleen aan de andere kant van de grens op je kan
loeren, maar die veel meer in je eigen hart zit – want anders zou alleen de
vijand slechte dingen doen en jij niet (je zou er zelfs niet aan denken). Over onschuldige mensen waarvan
sommigen hun dromen aan het vervullen waren en anderen misschien nog wel te
jong waren om te dromen. Misschien waren er mensen die hun dromen al in rook hadden
zien opgaan. En toen gingen ze hun dromen achterna.
Soms zijn er geen woorden. Wat is er met de wereld
gebeurd?
donderdag 17 juli 2014
Geen zin in koken als het warm is.
Maar hee, ik had er wel een keertje tijd voor. Het is donderdag. Ik had geen afspraak in Utrecht. Ik ging wel richting vrijwilligerswerk - maar daar was de boel uitgestorven, dus ik heb rechtsomkeert gemaakt. En dus was ik thuis. Ik kón dus koken. Maar er zijn altijd alternatieven. Zoals deze tortilla-taart voor als het echt warm is.
| Doorsnede #1. |
| Doorsnede #2. |
| Gerookte zalm + feta + ijsbergsla + Griekse yoghurt met tijmblaadjes. |
| Gerookte makreel + ijsbergsla (alweer? ja alweer!) + bosuitjes + (jaha) Griekse yoghurt met tijmblaadjes. |
woensdag 16 juli 2014
Plantjes zijn relaxed.
| Lieve minipaprika's in wording. |
| Wannabe-pumpkin |
| Wil-wel-bloeien-maar-nog-geen-vruchtjes-laten-zien-courgette |
| Pleasende peperplant die erg goed zijn best doet. |
| De grootheidswaan van de pompoenplant |
| De Oost-Indische Kers die de zon opzoekt. Ik kreeg de zaadjes van haar. |
| Mister Rabbit. Af en toe moet ik z'n oren een beetje bijknippen omdat het anders mr. Griezel wordt. |
dinsdag 15 juli 2014
Postcrossing.
Ik hou van post. Van die post die de postbode met zijn wit-met-oranje-busje komt brengen en die ervoor zorgt dat de brievenbus kleppert. Hoe leuk is dat. Naar de brievenbus lopen en tussen alle vanzelfsprekende dingen (de folders, de rekeningen) iets zien wat je lief toelacht vanuit de bodem van de brievenbus. Brieven en kaartjes. Brieven die met pen op papier zijn geschreven. En kaartjes. Had ik al verteld dat ik, als ik jarig ben, nog altijd kattenkaarten krijg? Die kreeg ik al toen ik acht was - maar omdat ik dus nog steeds ongelofelijk veel van katten houd, krijg ik ze nog steeds.
Nu bestaat sinds - weet ik het hoe lang al - een website waarop je kaartjes kunt sturen naar mensen over de hele wereld. Je kunt ze niet alleen sturen: voor elke kaart die je stuurt, krijg je ook een kaart van iemand-weet-ik-het-waar. Ik dacht steeds: ik heb geen geld voor kaartjes (maar wanneer heb je dat wel, als bijna afgestudeerde wannabe-psycholoog?). En ik dacht: ik woon te ver van een plek waar ze leuke kaartjes verkopen (maar dat is een excuus om eens vaker naar een plek waar ze wel leuke kaartjes te verkopen toe te gaan). En ik dacht: ik heb geen inspiratie. Weet ik veel wat anderen leuk vinden. Tot slot dacht ik ook nog aan de postzegels - want om nou elke keer met m'n kaartjes naar de balie in de supermarkt te gaan. ("Mevrouw, hebt u een vriendje in land X?" - en voor je het weet trouw ik met een Viking uit het kille Noorden *leve de roddelcircuits* - en waarom ook niet. Dan schrijf ik mijn blogjes in de toekomst zø, met extra streepjes en åånhangsels).
Je blijkt dus postzegels-met-de-koning-erop-voor-naar-het-buitenland te kunnen kopen. Het ene meisje achter de balie wist niet of die postzegels er wel waren. Het andere meisje schoot haar te hulp en diepte een velletje op. "Alstublieft, mevrouw" (al noemt niemand mij mevrouw, behalve de mensen aan de andere kant van de telefoon op m'n stage die niet weten dat ik eruitzie als zestien).
Dus. Sinds vorige week doe ik mee met de postcross-wereld.
Waarom ook niet.
Nu bestaat sinds - weet ik het hoe lang al - een website waarop je kaartjes kunt sturen naar mensen over de hele wereld. Je kunt ze niet alleen sturen: voor elke kaart die je stuurt, krijg je ook een kaart van iemand-weet-ik-het-waar. Ik dacht steeds: ik heb geen geld voor kaartjes (maar wanneer heb je dat wel, als bijna afgestudeerde wannabe-psycholoog?). En ik dacht: ik woon te ver van een plek waar ze leuke kaartjes verkopen (maar dat is een excuus om eens vaker naar een plek waar ze wel leuke kaartjes te verkopen toe te gaan). En ik dacht: ik heb geen inspiratie. Weet ik veel wat anderen leuk vinden. Tot slot dacht ik ook nog aan de postzegels - want om nou elke keer met m'n kaartjes naar de balie in de supermarkt te gaan. ("Mevrouw, hebt u een vriendje in land X?" - en voor je het weet trouw ik met een Viking uit het kille Noorden *leve de roddelcircuits* - en waarom ook niet. Dan schrijf ik mijn blogjes in de toekomst zø, met extra streepjes en åånhangsels).
Je blijkt dus postzegels-met-de-koning-erop-voor-naar-het-buitenland te kunnen kopen. Het ene meisje achter de balie wist niet of die postzegels er wel waren. Het andere meisje schoot haar te hulp en diepte een velletje op. "Alstublieft, mevrouw" (al noemt niemand mij mevrouw, behalve de mensen aan de andere kant van de telefoon op m'n stage die niet weten dat ik eruitzie als zestien).
Dus. Sinds vorige week doe ik mee met de postcross-wereld.
Waarom ook niet.
woensdag 9 juli 2014
Het Noorden.
Dromen hebben is belangrijk.
Eén van de mijne is om ooit naar het Noorden te gaan. Niet een beetje naar het Noorden, maar heel erg noordelijk. In de winter. Als er veel sneeuw ligt. Het flink vriest. En je het Noorderlicht kunt zien. Onlangs las ik in de Sp!ts of Metro een artikel over avontuurlijke vakanties voor bikkels van mannen. Je had eerstegraads vakanties. Weliswaar kamperen, maar met nog een graadje comfort (geloof ik). Je had de tweedegraads vakanties. Het Noorden. Sneeuwscooteren en op een hondensleetje door het besneeuwde landschap zoeven. En je had de derdegraads vakanties. Gezellig bungeejumpen boven een vulkaan. Zoiets was het. Wat ik maar zeggen wilde, er bestaat bijna niemand die een grotere schijtert (scheitert? scheiterd? schijterd?) is als ik. Het is dan toch maar grappig dat je droomreis ergens als avontuurlijk wordt aangeduid. Nu nog plannen en doelen maken om die droom te realiseren.
Eén van de mijne is om ooit naar het Noorden te gaan. Niet een beetje naar het Noorden, maar heel erg noordelijk. In de winter. Als er veel sneeuw ligt. Het flink vriest. En je het Noorderlicht kunt zien. Onlangs las ik in de Sp!ts of Metro een artikel over avontuurlijke vakanties voor bikkels van mannen. Je had eerstegraads vakanties. Weliswaar kamperen, maar met nog een graadje comfort (geloof ik). Je had de tweedegraads vakanties. Het Noorden. Sneeuwscooteren en op een hondensleetje door het besneeuwde landschap zoeven. En je had de derdegraads vakanties. Gezellig bungeejumpen boven een vulkaan. Zoiets was het. Wat ik maar zeggen wilde, er bestaat bijna niemand die een grotere schijtert (scheitert? scheiterd? schijterd?) is als ik. Het is dan toch maar grappig dat je droomreis ergens als avontuurlijk wordt aangeduid. Nu nog plannen en doelen maken om die droom te realiseren.
![]() |
| wikipedia. |
zaterdag 5 juli 2014
Sommige dingen moet je gewoon kopen.
Zoals dit kattennotitieboek van Paperchase (die leuke winkels die je op sommige stations vindt).
Mooie opvolger voor mijn Minnie Mouse-positieve-dingen-dagboek.
Ik heb alleen dus zoveel mooie notitieboeken gezien dat ik op zoek ben naar excuses om er meer te kopen (a).
Mooie opvolger voor mijn Minnie Mouse-positieve-dingen-dagboek.
Ik heb alleen dus zoveel mooie notitieboeken gezien dat ik op zoek ben naar excuses om er meer te kopen (a).
donderdag 3 juli 2014
Want het bos is zo fijn.
Gisterenavond wandelde ik weer eens met E. (Woensdagavonden zijn fijn, want donderdag is m'n vrije dag en dus maakt het op woensdag wat minder uit hoe vroeg - of laat - ik ga slapen). Het was de ultieme gelegenheid om veel te kletsen, te lachen, te genieten van paradijselijke natuur en.. foto's te maken.
| Haar haar. |
| Playing hide-and-seek |
| Het grappige aan deze foto is, dat we een foto van ons samen zouden maken. Toen ik die wilde bekijken bleek dat de camera véél te ver was ingezoomd. Stom en grappig. |
| Aanpassen is stom. |
| Ik wilde op mijn shirt lijken. Misschien een idee voor nog eens een shoot - met nog maffere shirts :) |
maandag 23 juni 2014
Witboek.
Een tijdje terug blogde ik over opschrijfboekjes. De ene had ik weggegeven en de andere.. ging over een project waar ik mee bezig ben.
Nu heb ik dan eindelijk tijd om eens te bloggen over dat project. Het heerlijk egoïstische-dit-gaat-helemaal-over-mezelf-project.
In het werk als psycholoog kom je ontzettend veel mensen tegen die negatief over zichzelf denken. Ze hebben te maken met onzekerheid, hebben moeite met kritiek, zijn perfectionistisch. Voelen zich geremd in sociale situaties. Soms melden ze zich schuchter aan: ik heb een niet zo positief zelfbeeld. Ze schamen zich daarvoor. Toegeven dat je niet zo positief over jezelf denkt is niet makkelijk. Maar het is wel stap één.
In mijn paar weken op stage ontdekte ik al snel dat ik zelf ook veel positiever over mezelf zou kunnen denken dan ik doe. Ik voel me onzeker. Mag geen fouten maken van mezelf (waardoor ik ze vanzelfsprekend juist maak). En het allersterkst heb ik constant de gedachte (de overtuiging eigenlijk, omdat het wat dieper zit dan iets wat je alleen maar denkt) dat alle anderen overal veel beter in zijn dan ik. Dat ze mooier zijn, alles beter kunnen, leuker zijn om mee om te gaan. Constant vergelijken dus. Wat helemaal geen moeite kost, want het gaat vanzelf.
Maar waarom niet veranderen? Zorgen dat ik mezelf even aardig vind als alle anderen? Dat kan best. En nu heb ik dus naast die grote bomvolle kartonnen doos met negatieve dingen ("Argh, ik heb een fout gemaakt, de wereld vergaat!") een nieuwe neergezet. Met als doel dat die uiteindelijk zo groot wordt dat de negatieve-dingen-doos een klein stipje is. Hoe doe je dat? Ik ben begonnen met een zelfbeeldmethode. Het blauwe notitieboekje uit die blog van een tijdje terug is voor mijn vorderingen. Mijn kosten-batenanalyses. Maar daarnaast heb ik mijn oude boekje nog.
Het witboek. Ofwel mijn positief dagboek wat ik al meer dan een jaar bijhoud.
In het witboek schrijf je elke dag de goede dingen op. De dingen waar je trots op bent. De dingen die je gedaan hebt, die je níet gedaan hebt (omdat dat beter was), de dingen die je gezegd hebt, de dingen waar je van genoten hebt. Je schrijft je gevoel daarbij op (trots, blij, tevreden). De regel is dat je geen censuur toe mag passen. Iets waar je trots op bent, ben je trots op. Klaar. Niet bagatelliseren.
Je moet vooral hard je best doen om het boek zo snel mogelijk vol te schrijven. Niet te grote eisen hebben, grote dingen opdelen in meerdere kleine. Eindeloos herhalen mag. Evenals je juist concentreren op datgene wat je moeilijk vindt (want elk klein stapje is de moeite waard).
Natuurlijk is die hele zelfbeeldmethode niet alleen het witboekgedeelte. Maar ik vind het zo leuk dat ik eigenlijk in de toekomst best iets met zelfbeeld zou willen doen. Ook in de zin van behandeling dan hè. En het idee van een positief dagboek is denk ik voor iedereen aan te raden.
Nu heb ik dan eindelijk tijd om eens te bloggen over dat project. Het heerlijk egoïstische-dit-gaat-helemaal-over-mezelf-project.
In het werk als psycholoog kom je ontzettend veel mensen tegen die negatief over zichzelf denken. Ze hebben te maken met onzekerheid, hebben moeite met kritiek, zijn perfectionistisch. Voelen zich geremd in sociale situaties. Soms melden ze zich schuchter aan: ik heb een niet zo positief zelfbeeld. Ze schamen zich daarvoor. Toegeven dat je niet zo positief over jezelf denkt is niet makkelijk. Maar het is wel stap één.
In mijn paar weken op stage ontdekte ik al snel dat ik zelf ook veel positiever over mezelf zou kunnen denken dan ik doe. Ik voel me onzeker. Mag geen fouten maken van mezelf (waardoor ik ze vanzelfsprekend juist maak). En het allersterkst heb ik constant de gedachte (de overtuiging eigenlijk, omdat het wat dieper zit dan iets wat je alleen maar denkt) dat alle anderen overal veel beter in zijn dan ik. Dat ze mooier zijn, alles beter kunnen, leuker zijn om mee om te gaan. Constant vergelijken dus. Wat helemaal geen moeite kost, want het gaat vanzelf.
Maar waarom niet veranderen? Zorgen dat ik mezelf even aardig vind als alle anderen? Dat kan best. En nu heb ik dus naast die grote bomvolle kartonnen doos met negatieve dingen ("Argh, ik heb een fout gemaakt, de wereld vergaat!") een nieuwe neergezet. Met als doel dat die uiteindelijk zo groot wordt dat de negatieve-dingen-doos een klein stipje is. Hoe doe je dat? Ik ben begonnen met een zelfbeeldmethode. Het blauwe notitieboekje uit die blog van een tijdje terug is voor mijn vorderingen. Mijn kosten-batenanalyses. Maar daarnaast heb ik mijn oude boekje nog.
Het witboek. Ofwel mijn positief dagboek wat ik al meer dan een jaar bijhoud.
| Positief dagboek |
| Gisteren |
| Tot dusver |
vrijdag 20 juni 2014
Ontwikkeling, confrontatie en een idee.
Ja. Eindelijk heb ik dan ook een intake gedaan. Heel langzaam kan ik zeggen dat ik groei. Ik dacht eerlijk gezegd dat ik niet zo ver zou komen tijdens mijn stage - maar gelukkig dus wel. En hoewel ik cliëntencontact écht heel spannend vind, geniet ik er op een bepaalde manier ook van. Het is echt heel fijn om een klein beetje vriendelijkheid rond te strooien. Tegelijkertijd kom ik mezelf ook heel erg tegen. Ik realiseer me hoe erg ik altijd denk dat alle anderen dingen beter kunnen - en nu pas ontdek ik wat voor chaoot ik kan zijn. Alles moet ik opschrijven, omdat ik het anders domweg vergeet.
(Maar op de één of andere manier schiet schrijven er vreselijk bij in als ik elke dag van acht tot zes weg ben).
Gisteren bedacht ik me nog iets. De laatste tijd bewaarde ik vanalles in m'n agenda. Kaartje hier, documentje wat ik had uitgeprint daar. (Ik heb dus nog een papieren agenda hè, zo'n mooie grote van Flow). Maar ik kan die dingen ook inplakken. Mét uitgeprinte foto's van leuke dagen. Op die manier kan je agenda een soort dagboek worden. Vind het eigenlijk wel een leuk idee :)
(Maar op de één of andere manier schiet schrijven er vreselijk bij in als ik elke dag van acht tot zes weg ben).
Gisteren bedacht ik me nog iets. De laatste tijd bewaarde ik vanalles in m'n agenda. Kaartje hier, documentje wat ik had uitgeprint daar. (Ik heb dus nog een papieren agenda hè, zo'n mooie grote van Flow). Maar ik kan die dingen ook inplakken. Mét uitgeprinte foto's van leuke dagen. Op die manier kan je agenda een soort dagboek worden. Vind het eigenlijk wel een leuk idee :)
maandag 9 juni 2014
In de kerk.
Ik dacht altijd, toen ik kind was, dat ik ooit kerkdiensten wel leuk zou vinden. Als ik groot was. Toegeven dat ik stilzitten (zo lang, meer dan anderhalf uur hè!) best lastig vond, durfde ik niet goed. Volgens mij heb ik dat ooit weleens gedaan. Maar wat je hoorde in de kerk was zo belangrijk dat beweegdrang zeker ondergeschikt was, of je nu ADHD had of niet. En dus vertelde ik maar niet dat ik zondag aan zondag moed zat te verzamelen voor die drie uur in totaal. Van die drie uur werd je wel creatief. Vouwsels van snoeppapiertjes. Bijnamen. De meisjes die zondag aan zondag zo hard hoestten doopten mijn broer en ik in een toepasselijk Uchtine, Hoestalina en Proestje. We hadden Tafelkleedje, omdat ze altijd een omslagdoek droeg. En spelletjes. Iets met voeten en krassen in de kerkbank. Spelletjes waren over het algemeen van korte duur. Na verloop van tijd kwam er een nijdige blik. Een por. Want spelen is niet luisteren - en daarvoor zit je in de kerk. Zelfs als je nog maar een jaar of acht bent.
Ik droomde van de tijd dat ik kerkdiensten leuk zou vinden. Als ik groot zou zijn. En intussen telde ik de pijpen van het orgel en de lampen. Een keer liep een herdershond voorin de kerk. Een andere keer kwam een kat op visite. Maar de orde van de dienst werd nooit verstoord.
Ik werd inderdaad wat ouder. Hoewel het geloof me eigenlijk niets te vertellen had toen ik kind was, veranderde dat toen ik een jaar of vijftien was. We volgden Bijbelstudies op school, ik luisterde de Amerikaanse praise-muziek van m'n zus. Ik werd autistisch fan van Michael W. Smith. En ik schreef dagboeken vol over mijn zoektocht naar God - en dat was een zoektocht, mede door mijn best wel rechtlijnige opvoeding. Die opvoeding en die kerk. (Hoewel ik vroeger veel schreef over hoe ik God zag - doe ik dat nu wat minder en zeker op een blog, omdat ik het wat meer persoonlijk vind).
Nu zit ik nog steeds in een kerkbank. Met beweegdrang tijdens de dienst (en ik heb nieteens ADHD) en een houten kont na afloop. (Soms besluipt me de gedachte: zou je kunnen vastgroeien aan je kerkbank? Hoe moet dat dan goed aflopen?) Af en toe zegt de dominee iets over mensen die 'met hun gedachten ergens anders zijn'. Raar, hoe je hersenen dat dan weer wel opvangen. Ik bouw luchtkastelen in de kerk. Stel me voor hoe ik gesprekken voer met de mensen die ik ken en wat ze zullen zeggen en wat helemaal niet. Een eindje voor me stiefelt Bruin Boon de bank in. Ik kan mijn adem volgens mij geen minuut inhouden (ik heb het weleens geprobeerd met mijn horloge erbij). De kinderen voor me geven elkaar een mep. Het jongetje verderop gaat voor de derde keer deze dienst naar de wc. (Toen ik klein was, mocht ik in de kerk niet naar de wc, want taferelen van kindjes die ommetjes maken tijdens de dienst zijn ons ook allemaal bekend). Ik ga verzitten en hoop dat mijn onderuitgezakte houding de dominee erop attendeert dat de anderhalf uur al voorbij zijn. Er verandert weinig. Misschien ben ik nog niet groot genoeg.
Soms vraag ik me af waarom we zo trouw naar de kerk gaan. Is het omdat we God willen ontmoeten en naar Hem verlangen - of veel meer uit angst: de kerkgang als een bingo-kaart die je vol moet krijgen? (Want anders).
Sommige dingen zijn zo raar.
Ik droomde van de tijd dat ik kerkdiensten leuk zou vinden. Als ik groot zou zijn. En intussen telde ik de pijpen van het orgel en de lampen. Een keer liep een herdershond voorin de kerk. Een andere keer kwam een kat op visite. Maar de orde van de dienst werd nooit verstoord.
Ik werd inderdaad wat ouder. Hoewel het geloof me eigenlijk niets te vertellen had toen ik kind was, veranderde dat toen ik een jaar of vijftien was. We volgden Bijbelstudies op school, ik luisterde de Amerikaanse praise-muziek van m'n zus. Ik werd autistisch fan van Michael W. Smith. En ik schreef dagboeken vol over mijn zoektocht naar God - en dat was een zoektocht, mede door mijn best wel rechtlijnige opvoeding. Die opvoeding en die kerk. (Hoewel ik vroeger veel schreef over hoe ik God zag - doe ik dat nu wat minder en zeker op een blog, omdat ik het wat meer persoonlijk vind).
Nu zit ik nog steeds in een kerkbank. Met beweegdrang tijdens de dienst (en ik heb nieteens ADHD) en een houten kont na afloop. (Soms besluipt me de gedachte: zou je kunnen vastgroeien aan je kerkbank? Hoe moet dat dan goed aflopen?) Af en toe zegt de dominee iets over mensen die 'met hun gedachten ergens anders zijn'. Raar, hoe je hersenen dat dan weer wel opvangen. Ik bouw luchtkastelen in de kerk. Stel me voor hoe ik gesprekken voer met de mensen die ik ken en wat ze zullen zeggen en wat helemaal niet. Een eindje voor me stiefelt Bruin Boon de bank in. Ik kan mijn adem volgens mij geen minuut inhouden (ik heb het weleens geprobeerd met mijn horloge erbij). De kinderen voor me geven elkaar een mep. Het jongetje verderop gaat voor de derde keer deze dienst naar de wc. (Toen ik klein was, mocht ik in de kerk niet naar de wc, want taferelen van kindjes die ommetjes maken tijdens de dienst zijn ons ook allemaal bekend). Ik ga verzitten en hoop dat mijn onderuitgezakte houding de dominee erop attendeert dat de anderhalf uur al voorbij zijn. Er verandert weinig. Misschien ben ik nog niet groot genoeg.
Soms vraag ik me af waarom we zo trouw naar de kerk gaan. Is het omdat we God willen ontmoeten en naar Hem verlangen - of veel meer uit angst: de kerkgang als een bingo-kaart die je vol moet krijgen? (Want anders).
Sommige dingen zijn zo raar.
Wat geknutsel.
Pogingen tot creativiteit.. tussen alle stagedrukte door :)
Het bovenste patroon komt uit 'Mollie makes birds' (boek). Cadeautje voor iemand die nu ver weg is.
Het onderste kun je hier vinden. Ik wilde een boekje opleuken voor iets waar ik mee bezig ben. Een project zeg maar, maar dit keer eens één die eigenlijk specifiek op mezelf gericht is.
maandag 2 juni 2014
Op het eerste gezicht.
In dit leven zijn er mensen die geloven in liefde op het eerste gezicht. Alléén in liefde op het eerste gezicht, want als het niet op het eerste gezicht is.. nou ja, dat dus. Dan was het niks, is het niks en wordt het niks.
Er zijn ook mensen die daar niet in geloven. Op het eerste gezicht is onzin. Zij willen mensen leren kennen en ontdekken wie die mensen zijn en dan, na verloop van tijd, zeggen ze: "Eigenlijk.." (waarna romantische verhalen volgen).
Maar behalve de mensen die daarin geloven en de mensen die daar niet in geloven, is daar ook het leven. En in dat leven de liefde, soms vormgegeven door dat malle mannetje met een pijl en boog.
Lukraak schiet hij. Meestal mis en af en toe een keertje raak. Hij heeft er een grote voorkeur voor om de mensen die in liefde op het eerste gezicht geloven vooral niet te raken. O nee. Misschien is hen raken net zo moeilijk als in de roos van het dartbord gooien zonder ervaring met zware pijltjes. Misschien doet hij het met opzet. Als daar toch eens sprake van was.
En de mensen die niet in liefde op het eerste gezicht geloven, ervaren plotseling liefde op het eerste gezicht (het wordt toch zo'n rare zin als je hem te vaak opschrijft) voor iemand die wel in liefde op het eerste gezicht gelooft - maar die jammerlijk gemist werd. Ergens in de grond, ver ernaast, ligt nog een kromgebogen, misgeschoten pijl. En niemand, niemand die dat malle mannetje eens op het matje roept en zegt: "Nou moet jij eens even goed luisteren!"
Niemand.
Er zijn ook mensen die daar niet in geloven. Op het eerste gezicht is onzin. Zij willen mensen leren kennen en ontdekken wie die mensen zijn en dan, na verloop van tijd, zeggen ze: "Eigenlijk.." (waarna romantische verhalen volgen).
Maar behalve de mensen die daarin geloven en de mensen die daar niet in geloven, is daar ook het leven. En in dat leven de liefde, soms vormgegeven door dat malle mannetje met een pijl en boog.
Lukraak schiet hij. Meestal mis en af en toe een keertje raak. Hij heeft er een grote voorkeur voor om de mensen die in liefde op het eerste gezicht geloven vooral niet te raken. O nee. Misschien is hen raken net zo moeilijk als in de roos van het dartbord gooien zonder ervaring met zware pijltjes. Misschien doet hij het met opzet. Als daar toch eens sprake van was.
En de mensen die niet in liefde op het eerste gezicht geloven, ervaren plotseling liefde op het eerste gezicht (het wordt toch zo'n rare zin als je hem te vaak opschrijft) voor iemand die wel in liefde op het eerste gezicht gelooft - maar die jammerlijk gemist werd. Ergens in de grond, ver ernaast, ligt nog een kromgebogen, misgeschoten pijl. En niemand, niemand die dat malle mannetje eens op het matje roept en zegt: "Nou moet jij eens even goed luisteren!"
Niemand.
vrijdag 23 mei 2014
Soorten mensen.
Er zijn zes soorten mensen. In mijn waarneming dan.
1.) De mensen die je niet kent en waar je geen mening over hebt.
2.) De aardige-mensen-die-je-helemaal-niet kent. Iemand die op straat iets aardigs tegen je zegt. Iemand die iets aardigs over je blog zegt. Ik zeg maar wat.
3.) Kennissen. Mensen die je kent, maar waar je niet zoveel mee hebt. Ook niets op tegen trouwens. Eigenlijk is het weer een neutrale categorie, met dat verschil dat je de mensen wel kent.
4.) Vrienden. Familie. Mensen die je kent en waar je veel van houdt. De beste categorie.
5.) Mensen die, hoe aardig je ook tegen ze probeert te zijn, gewoon NIET aardig tegen jou willen zijn. Een rillingencategorie.
6.) De ergste categorie. Als je iemand aardig vindt (op een bepaalde manier) en iemand anders vindt dat ook. Of meerdere iemanden anders. Moord. Brand.
(Best goed. Maar twee slechte categorieën. En ik dacht dat ik een pessimist was).
1.) De mensen die je niet kent en waar je geen mening over hebt.
2.) De aardige-mensen-die-je-helemaal-niet kent. Iemand die op straat iets aardigs tegen je zegt. Iemand die iets aardigs over je blog zegt. Ik zeg maar wat.
3.) Kennissen. Mensen die je kent, maar waar je niet zoveel mee hebt. Ook niets op tegen trouwens. Eigenlijk is het weer een neutrale categorie, met dat verschil dat je de mensen wel kent.
4.) Vrienden. Familie. Mensen die je kent en waar je veel van houdt. De beste categorie.
5.) Mensen die, hoe aardig je ook tegen ze probeert te zijn, gewoon NIET aardig tegen jou willen zijn. Een rillingencategorie.
6.) De ergste categorie. Als je iemand aardig vindt (op een bepaalde manier) en iemand anders vindt dat ook. Of meerdere iemanden anders. Moord. Brand.
(Best goed. Maar twee slechte categorieën. En ik dacht dat ik een pessimist was).
dinsdag 13 mei 2014
Een geest in een lamp in een sprookje
Dat is lui. Een gedichtje schrijven. Hem posten op m'n andere blog. Op facebook.
En nu dan ook maar hier. (Maar vergeef me, ik heb 10 dagen niet geblogd, ik schrijf massa's diagnostische verslagen. Ik vind dat ik lui mag zijn).
Het gedichtje:
iedereen is een geest in een
lamp in een sprookje van duizend
en één nacht
een lamp achter een doek
vol stof, verstopt
op een marktje in een vergeten straat
iedereen is een geest
woorden als wrijven en vrijheid
maar daar achteloze voorbijgangers
de lampolie is op
zoveel mensen
niemand komt terug
niemand heeft spijt
niemand weet hoelang nog
en hoeveel wensen
En nu dan ook maar hier. (Maar vergeef me, ik heb 10 dagen niet geblogd, ik schrijf massa's diagnostische verslagen. Ik vind dat ik lui mag zijn).
Het gedichtje:
iedereen is een geest in een
lamp in een sprookje van duizend
en één nacht
een lamp achter een doek
vol stof, verstopt
op een marktje in een vergeten straat
iedereen is een geest
woorden als wrijven en vrijheid
maar daar achteloze voorbijgangers
de lampolie is op
zoveel mensen
niemand komt terug
niemand heeft spijt
niemand weet hoelang nog
en hoeveel wensen
zaterdag 3 mei 2014
Rara, waarom ben ik toch zo slecht met cijfers?
Omdat dat vroeger ook al zo was. En om die reden ben ik waarschijnlijk best goed met taal.
(Ik heb m'n Cito-strookje dus nog).
(Ik heb m'n Cito-strookje dus nog).
donderdag 1 mei 2014
Wat ik leuk vind aan mezelf (en wat niet, dat ook).
Op een bepaalde manier ben ik wel blij met mezelf.
Ik ben creatief - ik ben aardig en ik hou ervan om aardigheid met anderen te delen. Eén van mijn waarden is dat ik denk dat we de wereld een beetje beter kunnen maken met vriendelijkheid, zelfs als dat maar door een glimlach is. Ik denk ook dat de wereld beter wordt als we van kleine dingen kunnen genieten en als we niet al te per se heel volwassen willen zijn. Ik ben dus ook niet heel volwassen. Zie het verhaal wat ik gisteren postte. Associaties, gedachten, ideeën. Verhalen. Sprookjes. Ik weet ook niet of het met volwassenheid te maken heeft - vroeger dacht ik dat ik abnormaal was omdat ik soms dingen met elkaar associeerde die totaal geen verband met elkaar hadden.
Zie daar het vraagteken op de gezichten van de anderen.
Maar nu, nu kom ik mezelf tegen. In de grotemensenwereld is al dat dromen en dat lief zijn niet toegestaan. Vriendelijkheid? Natuurlijk, maar daarnaast ook Grenzen en Zakelijkheid. Omdat dat soms beter is voor de mensen. Maar wat beter is, is niet altijd makkelijk, want ik wil dat iedereen me maar áárdig vindt. De wereld beter maken door aardigheid? Vergeet het maar. Aardigheid is vooral een middel zodat anderen mij ook aardig vinden. Dat noemen ze door de mand vallen en het komt behoorlijk hard aan. Voor aardigheid wordt niets gekocht en er wordt al helemaal geen geld mee verdiend. Welkom in de Wereld. Het doek gaat omhoog, de voorstelling begint.
Ik ben creatief - ik ben aardig en ik hou ervan om aardigheid met anderen te delen. Eén van mijn waarden is dat ik denk dat we de wereld een beetje beter kunnen maken met vriendelijkheid, zelfs als dat maar door een glimlach is. Ik denk ook dat de wereld beter wordt als we van kleine dingen kunnen genieten en als we niet al te per se heel volwassen willen zijn. Ik ben dus ook niet heel volwassen. Zie het verhaal wat ik gisteren postte. Associaties, gedachten, ideeën. Verhalen. Sprookjes. Ik weet ook niet of het met volwassenheid te maken heeft - vroeger dacht ik dat ik abnormaal was omdat ik soms dingen met elkaar associeerde die totaal geen verband met elkaar hadden.
Zie daar het vraagteken op de gezichten van de anderen.
Maar nu, nu kom ik mezelf tegen. In de grotemensenwereld is al dat dromen en dat lief zijn niet toegestaan. Vriendelijkheid? Natuurlijk, maar daarnaast ook Grenzen en Zakelijkheid. Omdat dat soms beter is voor de mensen. Maar wat beter is, is niet altijd makkelijk, want ik wil dat iedereen me maar áárdig vindt. De wereld beter maken door aardigheid? Vergeet het maar. Aardigheid is vooral een middel zodat anderen mij ook aardig vinden. Dat noemen ze door de mand vallen en het komt behoorlijk hard aan. Voor aardigheid wordt niets gekocht en er wordt al helemaal geen geld mee verdiend. Welkom in de Wereld. Het doek gaat omhoog, de voorstelling begint.
woensdag 30 april 2014
De liefdesgeschiedenis van de egel.
(Eerder gepost op facebook).
--
In een verre woestijn woonde de egel. Verteerd door dorst en eenzaamheid. Hij wist niet meer hoe hij was geboren (werden egels eigenlijk wel geboren, of kwamen ze uit een ei?), hoe hij heette of hoe oud hij was. Hij wist alleen de lange dagen van onafgebroken zonneschijn op zijn verbleekte stekels. En van eenzaamheid die je kunt proeven, maar die nergens naar smaakt. En van stekels. Van stekels wist hij alles. Hoe je ze het best kon poetsen zodat ze glommen in de zon. Als hij iemand had gekend en die persoon had hem naar zijn stekels gevraagd, dan zou hij uren hebben doorgepraat. “Proost,” zou hij zeggen. “Proost,” op het bestaan van stekels. Maar de arme egel wist niet wat proosten was. Daarvoor was er niet genoeg te drinken.
De dagen regen zich aaneen. De dagen hebben de gewoonte om dat te doen. Waarom ze dat doen weet niemand, maar wellicht heeft de reden iets te maken met een ronddraaiende aarde en een zon die de mensen wijsmaakt dat hij opkomt en ondergaat. Terwijl iedereen natuurlijk weet dat het de aarde is die altijd maar draait en nooit duizelig wordt.
Op een dag besloot de egel dat hij zijn armzalig bestaan zat was. Hij had er schoon genoeg van. Hij ging op reis. Zo wandelde hij dagen en dagen. In de nachten had hij het koud. Voor het eerst sijpelde er een beetje angst zijn hart binnen. Angst om van kou dood te gaan. Angst om te smelten van de hitte overdag.
En ineens zag hij daar het mooiste wat hij ooit had gezien. Ineens was hij al zijn eenzaamheid vergeten en wist hij niet meer wat alleen zijn inhield (Wat was dat ook alweer?). Zijn gedachten begonnen gedichten te vormen. De woorden kwamen haast vanzelf en rolden uit zijn spitse snuit. Zo zomaar ineens stond hij middenin de woestijn niet langer voor te dragen maar te zingen van puur plezier. Zoiets moois had hij nog nooit gezien. Daar wilde hij zijn leven mee delen. Voor goed. Hij had zijn bestemming gevonden. Hij stopte met sjokken en begon te rennen alsof zijn leven ervan afhing. Hij kon aan maar één ding denken. Stekels.
Er was niemand. Anders had niemand het lef gehad om hem te vertellen dat het voorwerp van zijn adoratie niet een lief egelvrouwtje was. Dat het onderwerp van zijn gezang zijn eenzaamheid niet als mist op zou laten lossen. Hem zou laten denken dat het een luchtspiegeling was en dat hij het zich maar verbeeld had en als hij het zich niet had verbeeld dat het dan heel erg voor hem was, maar nu voorbij. Iedereen zou hem die laatste paar blije meters tot zijn teleurstelling hebben gegund. Van harte. Maar iedereen zou ook weten hoe hard de klap zou zijn als hij er achterkwam. O, onvermijdelijk onafwendbaar afschuwelijk moment.
Standvastig en rotsvast stond daar de cactus.
En nog steeds rende de egel, zong de egel, danste de egel op zijn pootjes.
--
Dat de egel eenzaam zou zijn is natuurlijk ontleend (een net woord voor gejat) aan Toon Tellegen. Als iemand zich geroepen voelt om een blij vervolg te schrijven: wees welkom :)
--
In een verre woestijn woonde de egel. Verteerd door dorst en eenzaamheid. Hij wist niet meer hoe hij was geboren (werden egels eigenlijk wel geboren, of kwamen ze uit een ei?), hoe hij heette of hoe oud hij was. Hij wist alleen de lange dagen van onafgebroken zonneschijn op zijn verbleekte stekels. En van eenzaamheid die je kunt proeven, maar die nergens naar smaakt. En van stekels. Van stekels wist hij alles. Hoe je ze het best kon poetsen zodat ze glommen in de zon. Als hij iemand had gekend en die persoon had hem naar zijn stekels gevraagd, dan zou hij uren hebben doorgepraat. “Proost,” zou hij zeggen. “Proost,” op het bestaan van stekels. Maar de arme egel wist niet wat proosten was. Daarvoor was er niet genoeg te drinken.
De dagen regen zich aaneen. De dagen hebben de gewoonte om dat te doen. Waarom ze dat doen weet niemand, maar wellicht heeft de reden iets te maken met een ronddraaiende aarde en een zon die de mensen wijsmaakt dat hij opkomt en ondergaat. Terwijl iedereen natuurlijk weet dat het de aarde is die altijd maar draait en nooit duizelig wordt.
Op een dag besloot de egel dat hij zijn armzalig bestaan zat was. Hij had er schoon genoeg van. Hij ging op reis. Zo wandelde hij dagen en dagen. In de nachten had hij het koud. Voor het eerst sijpelde er een beetje angst zijn hart binnen. Angst om van kou dood te gaan. Angst om te smelten van de hitte overdag.
En ineens zag hij daar het mooiste wat hij ooit had gezien. Ineens was hij al zijn eenzaamheid vergeten en wist hij niet meer wat alleen zijn inhield (Wat was dat ook alweer?). Zijn gedachten begonnen gedichten te vormen. De woorden kwamen haast vanzelf en rolden uit zijn spitse snuit. Zo zomaar ineens stond hij middenin de woestijn niet langer voor te dragen maar te zingen van puur plezier. Zoiets moois had hij nog nooit gezien. Daar wilde hij zijn leven mee delen. Voor goed. Hij had zijn bestemming gevonden. Hij stopte met sjokken en begon te rennen alsof zijn leven ervan afhing. Hij kon aan maar één ding denken. Stekels.
Er was niemand. Anders had niemand het lef gehad om hem te vertellen dat het voorwerp van zijn adoratie niet een lief egelvrouwtje was. Dat het onderwerp van zijn gezang zijn eenzaamheid niet als mist op zou laten lossen. Hem zou laten denken dat het een luchtspiegeling was en dat hij het zich maar verbeeld had en als hij het zich niet had verbeeld dat het dan heel erg voor hem was, maar nu voorbij. Iedereen zou hem die laatste paar blije meters tot zijn teleurstelling hebben gegund. Van harte. Maar iedereen zou ook weten hoe hard de klap zou zijn als hij er achterkwam. O, onvermijdelijk onafwendbaar afschuwelijk moment.
Standvastig en rotsvast stond daar de cactus.
En nog steeds rende de egel, zong de egel, danste de egel op zijn pootjes.
--
Dat de egel eenzaam zou zijn is natuurlijk ontleend (een net woord voor gejat) aan Toon Tellegen. Als iemand zich geroepen voelt om een blij vervolg te schrijven: wees welkom :)
maandag 28 april 2014
Koningsdag.
.. was een mooie dag. Met vrienden naar het strand geweest, gebarbequed en.. gespeeld. Ik zou eens even laten zien hoe leuk ik nog in de zandbak kon zitten, maar toen zag ik iets grappigs en toen drukte ze af. Tsja. Maar idiote foto's zijn soms wel grappig.
donderdag 24 april 2014
Waarom kippen ook alweer zo leuk zijn.
vrijdag 18 april 2014
Klassieke muziekjes.
Muziek luisteren is zo fijn..
Toen ik nog een klein ikje was, was ik ontzettend verslaafd aan klassieke muziek. Massa's cd's kreeg ik uit de Kruitvat en Trekpleister. Volgens mij had je voor vijf gulden (toen nog) een paar cd's. Een mooie tijd was dat.
Met de jaren ging die verslaving over. O ja, ik hou nog steeds heel veel van muziek, maar ook van andere soorten. En toch, af en toe trekt die klassieke muziek weer als een magneet.
En dus heb ik in een bestandje de klassieke muziek verzameld die ik het allermooist vind. Het kan wel zijn dat ik iets ben vergeten. Misschien wel iets belangrijks zelfs. Of meer belangrijks. Maar dit hier is een lijst met mijn favoriete klassieke muziekjes. Mét link.
(Wat ik vroeger vooral leuk vond, was muziek met een verhaal).
Berlioz: Harold in Italië, mars van de pelgrims.
Bernstein, Overture uit Candide
Brahms: Symfonie 3, Poco Alegretto
Chopin: Tristesse
von Gluck: Dance of the blessed spirits
Holst: The Planets: Jupiter
Mascagni: Cavalleria Rusticana
Mendelssohn: Italian Symphony
Mendelssohn: A Midsummernightsdream
Mozart: Concert voor harp en fluit
Mozart: Andante in C-Major for flute and orchestra
Offenbach: Barcarolle (the Tales of Hofmann)
Pachelbel: Canon
Ponchielli: Dance of the hours
Satie: Je te veux
Sibelius: Finlandia
Sibelius: Verdrietige Wals
Shostakovich: Piano Concert (gebruikt in Fantasia, Disney)
Tchaikovsky: Flower Waltz (Nutcracker)
Tchaikovsky: Waltz of the snowflakes (Nutcracker)
Tchaikovsky: Swan Lake (klein gedeelte)
Verdi: Triomfmars uit Aïda
Verdi: Overture uit La Traviata
von Weber: Overture uit Oberon
Williams: The Wasps
Toen ik nog een klein ikje was, was ik ontzettend verslaafd aan klassieke muziek. Massa's cd's kreeg ik uit de Kruitvat en Trekpleister. Volgens mij had je voor vijf gulden (toen nog) een paar cd's. Een mooie tijd was dat.
Met de jaren ging die verslaving over. O ja, ik hou nog steeds heel veel van muziek, maar ook van andere soorten. En toch, af en toe trekt die klassieke muziek weer als een magneet.
En dus heb ik in een bestandje de klassieke muziek verzameld die ik het allermooist vind. Het kan wel zijn dat ik iets ben vergeten. Misschien wel iets belangrijks zelfs. Of meer belangrijks. Maar dit hier is een lijst met mijn favoriete klassieke muziekjes. Mét link.
(Wat ik vroeger vooral leuk vond, was muziek met een verhaal).
Berlioz: Harold in Italië, mars van de pelgrims.
Bernstein, Overture uit Candide
Brahms: Symfonie 3, Poco Alegretto
Chopin: Tristesse
von Gluck: Dance of the blessed spirits
Holst: The Planets: Jupiter
Mascagni: Cavalleria Rusticana
Mendelssohn: Italian Symphony
Mendelssohn: A Midsummernightsdream
Mozart: Concert voor harp en fluit
Mozart: Andante in C-Major for flute and orchestra
Offenbach: Barcarolle (the Tales of Hofmann)
Pachelbel: Canon
Ponchielli: Dance of the hours
Satie: Je te veux
Sibelius: Finlandia
Sibelius: Verdrietige Wals
Shostakovich: Piano Concert (gebruikt in Fantasia, Disney)
Tchaikovsky: Flower Waltz (Nutcracker)
Tchaikovsky: Waltz of the snowflakes (Nutcracker)
Tchaikovsky: Swan Lake (klein gedeelte)
Verdi: Triomfmars uit Aïda
Verdi: Overture uit La Traviata
von Weber: Overture uit Oberon
Williams: The Wasps
zaterdag 12 april 2014
woensdag 9 april 2014
Houd me vast.
De laatste weken was ik dit boek aan het lezen. Een boek over emotionally focused therapy. De plek waar ik vrijwilligerswerk doe, draait een heel programma met deze therapievorm. Maar ook zonder dat je therapie volgt is het boek heel interessant. De kern van het boek is: mensen hebben behoefte aan verbinding en vanuit die behoefte handelen ze. (Dit gaat dan om relaties, maar natuurlijk geldt het net zo goed voor de verhouding met goede vrienden en familie). Het rare is dat mensen soms die behoefte niet uitspreken - maar wel zien dat iemand niet tegemoetkomt aan die behoefte en daar weer boos op reageren (zonder te zeggen waarom natuurlijk) waarop de ander zich terug gaat trekken. Mooie woorden als 'de duivelse dialoog' en 'de protestpolka' komen voorbij. Hoewel het boek een tikkie Amerikaans is (dus met van die voorbeelden van mensen die het ineens prachtig inzien allemaal en die het zó mooi benoemen bij elkaar), is het ook wel ontzettend boeiend om te lezen. Misschien wat zoet af en toe. Maar een les dus. Je behoeften uitspreken. Kwetsbaar durven zijn en ook zeggen dat stom gedrag soms juist door een niet vervulde behoefte komt. En misschien ook vragen naar de behoeften van anderen. Goed boek om eens gelezen te hebben :)
maandag 7 april 2014
Stuff.
Omdat ik druk ben (of me druk maak) heb ik niet zoveel tijd voor bloggen. Dan maar weer wat fotootjes. Gewoon zomaar, omdat het kan. Achtereenvolgens: een dagje strand, een pompoentaart, vegetarische fusilli (wokblokjes zijn superlekker) en mijn kat. Verdiept in zware kost. En nog een keertje, maar dan raar.
maandag 31 maart 2014
Wat ik zo erg waardeer..
Waar ik na twee weken stage pas goed achter kom is dat ik zo ONT-ZET-TEND blij ben met alle lieve mensen om me heen. Familie, vrienden, vrijwilligerswerkcollega's-met-een-voorliefde-voor-taart.
Op zich is een stage doen natuurlijk helemaal niet zo'n grote stap. Maar voor mij voelt het nog wel een beetje als een enorme verandering in mijn tot dan toe zo kalme leventje. Dingen als werkdruk en 'op tijd klaar zijn' was ik haast vergeten. Maar goed, ik kan natuurlijk niet teveel inhoudelijk over m'n stage zeggen. Alleen dan dit: dat ik een paar keer bij consulten ben geweest, heb gezien hoe cognitieve en gedragstherapie er in de praktijk uitziet. (Dat was cool, zo'n exposure-hiërarchie, een ladder van niet-zo-heel-verschrikkelijk-eng tot heel-erg-érg-eng). En nu ben ik vooral bezig met diagnostiek. Vragenlijsten afnemen, vragenlijsten scoren, verslagen schrijven. En af en toe dus bij een consult zitten. Het koffiezetapparaat overstuur helpen, niet snel genoeg begrijpen hoe patiëntenregistratieprogramma's werken en een hoofd hebben dat omloopt van alle info en 'help, hoe ga ik dat óók nog doen vandaag'. Maar aan de andere kant: ik leer wel. En als dat ritme maar komt, dan komt de rest vanzelf.
En nou. Ik merk gewoon steeds weer hoe blij ik ben met al die lieve mensen. Dat ik, als het weekend is (of m'n vrije dag), afspreek met mensen. Om wat te drinken (en uren te praten over veel te persoonlijke dingen, terwijl ik nooit verder kom dan één of twee ice teas met kapotgeprakte citroen). Om boswandelingen te maken en de wind in je haren te voelen. Gewoon dat allemaal.
Op zich is een stage doen natuurlijk helemaal niet zo'n grote stap. Maar voor mij voelt het nog wel een beetje als een enorme verandering in mijn tot dan toe zo kalme leventje. Dingen als werkdruk en 'op tijd klaar zijn' was ik haast vergeten. Maar goed, ik kan natuurlijk niet teveel inhoudelijk over m'n stage zeggen. Alleen dan dit: dat ik een paar keer bij consulten ben geweest, heb gezien hoe cognitieve en gedragstherapie er in de praktijk uitziet. (Dat was cool, zo'n exposure-hiërarchie, een ladder van niet-zo-heel-verschrikkelijk-eng tot heel-erg-érg-eng). En nu ben ik vooral bezig met diagnostiek. Vragenlijsten afnemen, vragenlijsten scoren, verslagen schrijven. En af en toe dus bij een consult zitten. Het koffiezetapparaat overstuur helpen, niet snel genoeg begrijpen hoe patiëntenregistratieprogramma's werken en een hoofd hebben dat omloopt van alle info en 'help, hoe ga ik dat óók nog doen vandaag'. Maar aan de andere kant: ik leer wel. En als dat ritme maar komt, dan komt de rest vanzelf.
En nou. Ik merk gewoon steeds weer hoe blij ik ben met al die lieve mensen. Dat ik, als het weekend is (of m'n vrije dag), afspreek met mensen. Om wat te drinken (en uren te praten over veel te persoonlijke dingen, terwijl ik nooit verder kom dan één of twee ice teas met kapotgeprakte citroen). Om boswandelingen te maken en de wind in je haren te voelen. Gewoon dat allemaal.
donderdag 27 maart 2014
Tulpen en een deken.
Ik had een tijdje terug al tulpenbollen gekocht. Vond ze leuk om op m'n kamer neer te zetten. En nu bloeien ze dan eindelijk.
En verder hebben m'n moeder en ik samen een 'granny squares'-deken gehaakt. Hierbij het eindresultaat.
En verder hebben m'n moeder en ik samen een 'granny squares'-deken gehaakt. Hierbij het eindresultaat.
woensdag 26 maart 2014
Ervaringen.
Ik loop pas een week stage (goed, plus twee dagen) en ik heb nu al ontdekt wat mijn grote valkuil is: onzekerheid. Ik mag niet onzeker zijn (niet van mezelf, niet van de 'baas') en daarom word ik het juist. Natuurlijk snap ik ook wel dat het niet handig is dat een psycholoog die tegenover je zit niet weet waar hij het over heeft, maar een verschrikkelijk zelfverzekerde psycholoog zou bij mij ook angst oproepen.
Ik heb trouwens - en dat is ook heel wat - al een gedeelte van m'n telefoonangst overwonnen. Ik vind bellen echt vreselijk eng. De telefoon opnemen gaat nog, maar da's ook niet m'n hobby. Zit ik te vertellen, vandaag, dat ik het toch maar gedaan heb en dat ik het minder eng vind. Is het antwoord: "Dat is een basale vaardigheid".
Juist.
En nu wil ik iemand knuffelen. Gewoon zomaar iemand, omdat het kan en omdat het heel belangrijk is dat iedereen een beetje lief voor elkaar is.
Ik heb trouwens - en dat is ook heel wat - al een gedeelte van m'n telefoonangst overwonnen. Ik vind bellen echt vreselijk eng. De telefoon opnemen gaat nog, maar da's ook niet m'n hobby. Zit ik te vertellen, vandaag, dat ik het toch maar gedaan heb en dat ik het minder eng vind. Is het antwoord: "Dat is een basale vaardigheid".
Juist.
En nu wil ik iemand knuffelen. Gewoon zomaar iemand, omdat het kan en omdat het heel belangrijk is dat iedereen een beetje lief voor elkaar is.
maandag 24 maart 2014
Stukjes Paradijs.
En als het dan ook nog het Paradijs heet.. Mooie wandeling gemaakt met E., zaterdagmiddag. O ja en ik vind het heel flauw om vooral foto's van mezelf te posten, maar ik post niet zomaar foto's van anderen :).
Abonneren op:
Posts (Atom)


